|
Denderleeuw, reeds bewoond in het neolithicum en met heel wat herinneringen uit de Romeinse periode en de Frankische landname, is geen onbekende meer voor de duizenden Vlamingen die dagelijks naar Brussel sporen.Â
De onderbouw van de witte toren behoort tot het oudste deel van de kerk. In 1900 kreeg het koor, in de XII° eeuw in Romaanse stijl met Balegemse zandsteen, een ruimere neogotische look. De middenbeuk en de onderbouw van de toren dateert van einde XIII° eeuw – begin XIV° eeuw, wat Stan Leurs klasseert onder de vroeg gotische bouwwerken. Nieuw is het verschijnen van kleine rondvenster of oculi. Het gevelvlak naast de toren geeft de breedte van de kerk voor 1900 aan. In de XVI° eeuw werden belangrijke verbouwingswerken uitgevoerd en na een brand in 1589 werd de deuropening in de voorgevel aangebracht. Verbouwingen aan de zijbeuken, die werden uitgevoerd in 1680, verdwenen met de verbouwingswerken van 1900.Â
Deze laatste werden uitgevoerd volgens de plannen van architect H. Valcke en de oude rondvensters van de middenbeuk werden weer zichtbaar.Â
Het dak van de zijbeuken kreeg het uitzicht van drie kapellen. In mei 1940 kreeg de kerk het erg te verduren en de ontwrichte torenspits werd in 1942-1943 afgebroken en vervangen door een stenen naald in Larochettesteen volgens het ontwerp van architect Stan Leurs.
Binnen de kerk is het koormeubilair, met uitzondering van de oude kolommen die de beuk sinds eeuwen schragen, in neogotische stijl, terwijl het middengedeelte van de communiebank, de predikstoel, twee biechtstoelen en de eikenhouten muurbeschotten getuigen voor de kunstzin van ons volk in het verleden. Het oudst bewaarde kerkmeubel is het middengedeelte van de communiebank (1638) in Lodewijk XIV°-stijl, een werk van Nikolaas van Beersel.
Sierlijk dooreen gewerkte loverslingers omgeven het Lam Gods op het boek met zeven sloten: het paneel rechts vertoont de toonbroden, het linkse de ark van het Oude Verbond.Â
De beide biechtstoelen en de predikstoel, Lodewijk XV-stijl, staan op naam van Frans de Kinder, al werd het beeldhouwwerk door zijn broer Jan uitgevoerd. Op de kuip vertoont de predikstoel drie medaillons die Sint Amand, patroon van de parochie, Sint Norbertinus, die de parochie vanuit hun abdij te Dielegem bediende tot aan de Franse Revolutie, en Sint Augustinus, met tussenin de zinnebeelden van de Evangelisten. Het klankbord is versierd met twee mooie zwevende engelen en op de trapleuning werden engelenkopjes met festoenen aangebracht.
 |
Op de XVII° eeuwse muurbeschotten werden vier prachtige schilderwerken verwerkt. Een kopie van het schilderij van P.P. Rubens, Sint Rochus als noodheilige tegen de pest. Beide zijn het werk van P. Spruit. De twee overige herinneren aan het leven van de H. Amandus en werden geschilderd door H.J. Geens.
|
De kerk, die reeds in 1944 werd geklasseerd, is het bezoeken waard.
|